29 oktober 2018 | Tekst: Lidwin van Loon| Beeld: Margot de Heide

Lees of deel het artikel in pdf >>

 

Fysiotherapeut Susanne Willemsen heeft vertrouwen in Rotterdamse achterstandswijk

 

De wijk in rijdend kleurt het straatbeeld steeds donkerder. De oorspronkelijke Rotterdammers hebben plaatsgemaakt voor gesluierde vrouwen en Kaapverdische mannen op de fiets. De balkons staan vol spullen en er ligt rommel op straat. Hoe strak staat daartussen Gezondheidscentrum Mariastraat, een moderne praktijk die via de huisartsen entree geeft aan tal van medische en paramedische disciplines, waaronder de fysiotherapiepraktijk van Susanne Willemsen en haar collega’s. Wat bracht een Arnhemse waterpolokeepster 21 jaar geleden naar een achterbuurt in Rotterdam, en wat maakt dat ze er nog steeds is?

 

De praktijk aan de Sint Mariastraat bestaat al 34 jaar, gestart vanuit een samenwerking tussen huisartsen en fysiotherapeuten. Susanne Willemsen hoopte 21 jaar geleden, in een tijd waarin jonge fysiotherapeuten uitsluitend werk vonden via waarnemingen, dat ze in deze Vogelaarwijk carrière mocht maken. De gemengde patiëntenpopulatie boeide haar enorm. Kijkend in haar agenda heeft ruim tweederde van de patiënten een niet-Nederlandse achternaam. Van hen spreekt ook nog eens de helft slecht tot geen Nederlands. Wat bezielt Willemsen om aangehaakt te blijven, zeker in de huidige markt die door veel fysiotherapeuten als beklemmend wordt ervaren?

 

Bewegingsarmoede

 

“Rotterdam is steeds leuker geworden en ook de wijk knapt enorm op. Er zijn geen overvallen meer op Surinaamse goudwinkels’, lacht ze. “Zo’n migrantenwijk is zo divers. Als je ziet wat we hier met fysiotherapie doen. We hebben te maken met veel bewegingsarmoede, vooral de oudere mensen zijn niet gewend om te sporten, om elke dag in beweging te komen. Er is vooral onder de vrouwen veel overgewicht, knieartrose en suiker. We zien dan ook veel pijnklachten die voortkomen uit te weinig bewegen. Vaak gerelateerd aan weinig opleiding. We doen er dan ook alles aan om bewegen op een makkelijke manier in te passen in het dagelijks leven van onze patiënten.

 

 

 

 

 

 

Handicap

 

Niet alleen de diversiteit van de patiëntenpopulatie sprak Willemsen aan. Ook de korte lijnen met de huisartsen en vandaaruit multidisciplinair kunnen werken waren destijds doorslaggevend in haar keuze voor het gezondheidscentrum. Ze heeft er geen spijt van gekregen en zou ook niet anders willen.

 

Voor de financiering van de zorg aan haar patiënten is Willemsen weliswaar aangewezen op de zorgverzekeraars. Ruimte voor innovatie lijkt er nauwelijks, al zou ze graag aansluiten bij de technologische ontwikkelingen en innovaties van Intramed. Na- en bijscholing kan ternauwernood worden betaald. En misschien is er ook geen behoefte aan innovatie vanuit het perspectief van de patiënten, die gezien achtergrond nagenoeg niet digitaal bereikbaar zijn.

 

“Met de behandelindex houd ik geen rekening. Kan ik ook niet. Ik doe wat patiënten nodig hebben, wat effectief is. Meer zorg lever ik niet, ik doe niets overbodigs. Maar je begrijpt natuurlijk wel dat taal in onze praktijk een handicap is. We zijn hoe dan ook langer bezig om patiënten uit te leggen wat er aan de hand is. Hoe dit in zorgzwaarte wordt gecompenseerd, is ons niet duidelijk. Bij elke zorgverzekeraar is het ook weer anders.”

 

Willemsen legt uit dat één derde van haar patiënten geen e-mailadres heeft. Eén derde heeft wel een e-mailadres maar gebruikt het niet, dus dan blijft er één derde van de patiënten uit de Mariastraat over om de PREM aan te versturen. De vereiste 70% uitzetten haalt ze dus niet.

 

 

 

Kwaliteit

 

Hoezeer Willemsen ook waarde hecht aan meten = weten, toch vraagt ze zich af hoe betrouwbaar metingen zijn via klachtspecifieke vragenlijsten onder mensen aan wie je moet uitleggen wat traplopen is.

 

“De VAS uitvragen is al lastig genoeg bij mensen die de taal wel machtig zijn, laat staan aan de patiënten van onze praktijk. Een cijfer vragen voor de moeite die iemand heeft met opstaan, om vervolgens te vragen naar de moeite met traplopen vergt veel denkwerk. Verder dan de PSK en soms de VAS kom ik dan ook niet. In specifiekere vragenlijsten naar bijvoorbeeld lagerugpijn wordt naar gradaties gevraagd. Zie je het me doen, vragen naar weinig, licht, matig of veel pijn? In onze praktijk werkt het gewoon niet zo. En dus zijn we als pluspraktijk uit het EffectiviteitsTraject geknikkerd, omdat we de patiëntenquêtes niet op orde hadden. We waren het toen echt helemaal zat. Dan maar geen hoger tarief. Maar ik moet je zeggen, sinds we geen pluspraktijk meer zijn, hebben we meer patiënten dan ooit.

Kennelijk kunnen we de tijd die we kwijt waren aan al die vragenlijsten die niet ten goede kwamen aan de patiënten zelf, nu besteden aan zorg, wat leidt tot meer omzet. In plaats van vragenlijsten invullen kunnen we nu behandelen. We hebben aan kwaliteit niet ingeboet. Patiënten bepalen zelf wie ze goede zorg vinden verlenen. Daarop hebben we in al die jaren steeds kunnen vertrouwen, en nu ook zonder die enquêtes. We draaien beter dan vorig jaar en het jaar daar weer voor!”

 

Samenwerken

 

“Wel zullen we moeten blijven contracteren, ik benijd collega’s die alle contracten overboord kunnen gooien”, gaat Willemsen meteen verder. “Dat kunnen we ons niet permitteren, onze patiënten lopen anders gewoon naar de buren die wel een contract hebben en bij wie ze hun zorg wel volledig vergoed krijgen. Ik zou ook niet weten hoe ik het declaratiesysteem aan onze patiënten moet uitleggen. Facturen meegeven terwijl veel van onze patiënten in de schuldsanering zitten, het gaat bij ons niet werken. We zullen dus contracten moeten afsluiten en afhankelijk blijven van de grote verzekeraars, omdat we gezien onze patiëntenpopulatie anders failliet gaan. Er is weinig oog voor de problematiek in achterstandswijken, ook onder collega’s.”

 

Des te belangrijker is de samenwerking binnen het gezondheidscentrum. Willemsen benut dan ook volop alle kansen om te innoveren, zowel technisch dankzij de samenwerking met Intramed, als in kwaliteit met zorgprogramma’s via de huisartsen en beweeggroepen via de POH. Preventieve programma’s ontwikkelen, samenwerken vanuit vertrouwen, met de patiënten en de andere zorgverleners in het gezondheidscentrum. Zonder behandelindexen, zonder ineffectieve vragenlijsten, zonder sancties, tegen een rechtvaardig en dus hoger tarief, voor rijk en arm toegankelijk, offline en online. Zo ziet Willemsen haar vak graag innoveren. Ze hoopt het nog jaren te kunnen uitoefenen, want uit de Mariastraat hoeft ze niet weg.

 

Lees of deel het hele artikel in pdf >>